Op weg naar huis
8 maart 2026 - Rocroi, Frankrijk
Om de een of andere reden kwam het er niet van om een nieuw verhaal te schrijven. Misschien omdat ik teveel onderweg was, of omdat ik weinig spectaculairs heb gedaan en meegemaakt en over gedoe had ik al genoeg geschreven deze reis, dus dat wilde ik niet meer. Maar nu ik bijna thuis ben na een ongelooflijk mooie reis door Frankrijk waar de lente is begonnen, wil ik toch nog wat hoogtepunten beschrijven.
Mijn reis door Spanje is dus totaal anders verlopen dan ik van tevoren bedacht had. Ik weet nu zeker dat ik niet echt van de Costa’s hou en het liefst in Andalusië en het binnenland rondreis, met Valencia als uitzondering. Omdat ik ooit een fijne week in Barcelona doorbracht met mijn oudste zoon, reed ik op weg naar huis daar naartoe in de hoop op wat cultuur. Op Montjuice mag je niet ver van het centrum met je camper naast het Olympisch stadion staan. Ik appte mijn zoon enthousiast waar ik was en vroeg hem of hij nog tips had, omdat hij er nogmaals met zijn vriendin was geweest.. Hij reageerde onverwacht negatief: te toeristisch, nog erger dan Amsterdam, duur en alles moet lang tevoren gereserveerd, maar ik wilde eigenlijk gewoon wat rondfietsen, de gebouwen bekijken en herinneringen ophalen, dus dat schrikte me niet af.
Ik begon dichtbij en werd direct met de realiteit geconfronteerd: ik stond op een berg en fietsen naar beneden kon alleen met goeie remmen. Naar boven moet je de benewagen nemen en de fiets naar boven duwen. Gelukkig lag de zesentwintig jaar geleden aangelegde nieuwe botanische tuin dichtbij. De tuin ligt op terrassen rond een berg en is beplant met soorten uit Spanje en uit landen die een vergelijkbaar klimaat hebben. Hij was in zones verdeeld met in elke zone soorten uit een specifiek land: Spanje zelf, Australië, Zuid-Afrika, Chili, de Canarische eilanden en een stukje Noord-Afrika.
Ik keek mijn ogen uit. Wat groeien er bijzondere en bizarre planten en bomen in deze landen! De meest onverwachte bloeivormen in allerlei, vaak felle kleuren zag ik. Heel grote bloemen op kleine planten en miniscule bloemetjes op enorme bomen. Bizar gevormde bomen. Struiken met meer stekels dan blad en een enorme variëteit aan palmen, yuca’s, acacia’s en succulenten. Het was een genot om er rond te wandelen, te kijken en foto’s van al dat moois te maken. Ik heb een kleine selectie bij dit verhaal gezet.
Volgens allerlei bronnen was het in Barcelona goed fietsen, dus ging ik de volgende dag, eigenwijs als ik ben, met de fiets op pad. Gelukkig had ik Yske in de camper gelaten, want ook zonder hond achterop is mijn fiets zwaar genoeg en hij mag toch nergens mee naar binnen. De heenweg ging goed. Eigenlijk wilde ik eerst een tentoonstelling over 50 jaar Miró in kustgalerie Fudació bezoeken, maar ik was een week te vroeg, dus reed ik door naar het centrum. Het was vrij vlak, dus dat viel mee. Op het moment dat ik het centrum beneden zag liggen en de weg van de berg af té steil was, vond ik een passage die als een zigzaggende hellingbaan was aangelegd. Eenmaal in het centrum, was fietsen inderdaad een goeie manier om rond te kijken. Ik herinnerde me de grote lijnen nog en reed wat rond en genoot van de herkenning van de mooie stad, maar mijn zoon had gelijk. Niet te doen zoveel toeristen. Overal. Ook in februari. De Rambla bleek in het midden helemaal opengebroken, zodat toeristen zich aan twee kanten ervan tussen de werkmannen door verdrongen. De prachtige markt was veranderd in een smulparadijs met hapklare brokken voor veel teveel geld en ook hier gold “shop until you drop”.
Toch wel teleurgesteld fietste ik terug. Ik moest de berg weer op en zocht de ingang van de passage. De navigatie hielp niet. Die leidde me naar steile straatjes in de goeie richting die doodliepen of eindigden in een trap voor het laatste stukje naar de verbindingsweg. Uiteindelijk vond ik het bijna onzichtbare begin en al moe van helling op helling af begon ik eraan. Naar beneden fietsen ging prima, maar naar boven bleek te steil. Er zat niks anders op dan lopend mijn fiets omhoog te duwen. Mensen passeerden me en elke volgende helling ging wat trager. Op een gegeven moment kon ik bijna niet meer, maar stoppen kon ook niet, want ik kon de fiets nergens tegenaan zetten. Het laatste stuk was een nog sterker steigend pad. Er kwamen twee jongens teruggelopen. Ze waren me opgevallen toen ze me passeerden, want een ervan was alternatief gekleed en had zijn haar in twee vlechten. Ze vroegen me of ze me konden helpen om de fiets naar boven te duwen. Wat een schatjes! Ze hadden opgemerkt dat ik er moeite mee had en kwamen helpen. Ook zij hadden er moeite mee, maar ze lieten zich niet kennen en al pratend duwden ze om de beurt tot we boven waren. Ik bedankte ze uitvoerig en ging op een bankje zitten om op adem te komen. Pfff, ik had gewoon de bus moeten nemen, maar wilde het weer eens op mijn manier. Terug bij de camper besloot ik dat het tijd was om naar huis te gaan.
Door foute afslagen, een dichte camping, onverwachte tolwegen en andere toevalligheden reisde ik de afgelopen week via prachtige bergroutes en stille D-wegen met prachtige vergezichten en langs onstuimige riviertjes door het ontluikende lentelandschap in Frankrijk. Door de Franse Pyreneeën, Corbieres, de Lotvallei en ik zag sneeuw op de bergtoppen voor Cleremont-Ferrand. De Morvan en Bourgondië passeerde ik en nu ben ik in de Franse Ardennen.
Als ik Yske uitliet, zag ik Maartse viooltjes stukjes gras paars kleuren. Geel Lepelkruid opvlammen, lila Annemoontjes, blauwe en witte Vergeetmijnietjes, sleutelbloemen en veelkleurige primulaatjes in het wild bloeien. Onderweg zag ik heel veel Zilverberken met dunne witte stammetjes uitlopen met een donkerroze waas, wat prachtig afstak tegen de groene naaldbomen er omheen. Mimosa en Forsythia knallen geel op in het landschap, witte en roze bloesem bloeit overal en het fluoriserend groen van jonge blaadjes en katjes van treurwilgen siert het landschap.
In Chappes had ik geweldig leuke dagen bij vrienden van mijn vriendin Chantal, waar ik terecht kwam, omdat ik haar graag even wou zien en zij een rondje Frankrijk langs vrienden deed. Ze wonen in een door henzelf prachtig verbouwd huis en het klikte. Ook Yske had het er fijn en speelde en rende in de grote tuin met hun hond Verleine. Ik heb huis bekeken en bewonderd en we hebben heerlijk samen gegeten, gekletst en zijn zelfs naar een zwembad geweest. Onverwachte ontmoetingen zijn vaak de mooiste!
Toen ik verder reisde en het moeite kostte om een benzinestation te vinden waar ik LPG kon tanken, kwam ik per ongeluk in Noyers terecht, omdat daar de enige camperplaats was die ik voor het donker werd, kon bereiken. Het is het mooiste Franse stadje dat ik ooit heb gezien en ik heb er in het donker en ‘s morgens vroeg rondgelopen, gefotografeerd en in alle rust genoten van al dat moois.
Nu ben ik in Rocroi, een vestingstadje met mooie wallen, net voor de Belgische grens. Morgen rijd ik naar huis en gaat het gewone leven verder.

Welkom thuis!
Dank je!
Noyers was niet naast de deur, zo'n drie kwartier rijden, maar ik ben er diverse malen geweest, heel mooi, ja, en Rocroi, vlak bij de grens met België was altijd het eerste baken bij terugkeer naar Frankrijk
Vesting aangelegd door de grote maarschalk Vauban, die toen hij
Ik weet niet of ik langs je huis ben gereden, maar in ieder geval in de buurt, want ik heb daar D-wegen gepakt
Noyers was niet naast de deur, zo'n drie kwartier rijden, maar ik ben er diverse malen geweest, heel mooi, ja, en Rocroi, vlak bij de grens met België was altijd het eerste baken bij terugkeer naar Frankrijk
Vesting aangelegd door de grote maarschalk Vauban, die toen hij
staan